Meer
Publicatiedatum: 26-06-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Jaarrekening

A. Overzicht baten en lasten programma's

De jaarrekening sluit met een positief resultaat van € 3.412.550.

Dit is inclusief de beïnvloeding door mutaties met reserves.
Een totaal overzicht van de lasten en baten per programma wordt in onderstaande tabel uitgesplitst, exclusief de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves.

De mutaties met de reserves worden in een aparte tabel getoond, en dat leidt tot het behaalde
resultaat.

De toelichting per programma is te vinden in deel I,  onder de kopjes  “wat heeft het gekost ?”

 

 NB
 In de meeste tabellen die hieronder volgen, en ook in de balansverplichtingen en de toelichting
 zijn de bedragen afgerond op duizendtallen.
 Hierdoor kunnen in enkele eindtellingen afrondingsverschillen ontstaan.

 Dit heeft geen invloed op de werkelijke rekeningcijfers.

 

1. Baten en lasten op programma

 

 

Specificatie van de toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

Voor toelichting op de mutaties, zie de toelichting op de balans, onderdeel B, bij de betreffende reserve, onder het kopje toelichting op de mutaties en het doel van de reserves.

 

2a. Overzicht van incidentele baten en lasten

Bij het opmaken van de jaarrekening is een analyse gemaakt van de relevante verschillen tussen de inkomsten en uitgaven van 2017 en die van 2018 om aan te kunnen geven hoe het saldo wordt beïnvloed door incidentele zaken.
Niet-reguliere onttrekkingen en toevoegingen aan reserves worden als incidenteel beschouwd.
Wanneer een uitgaaf of baat zich korter dan drie jaar voordoet, is er sprake van een incidentele post.
Hoewel de scheidslijn tussen incidenteel en structureel niet altijd even scherp te trekken is, is hiermee getracht het inzicht in de financiële positie te vergroten.

 

Toelichting incidentele baten en lasten

Uit de omschrijving van de baten en de lasten is duidelijk op te maken wat het betreft.
En wat betreft de mutaties in reserves, zie ook de toelichting op de balans bij de betreffende reserve, onder het kopje toelichting op de mutaties en het doel van de reserves.

 

2b.  Overzicht structurele mutaties in de reserves

 

 

Toelichting:
Zie de toelichting op de balans, onderdeel B, bij de betreffende reserve, onder het kopje toelichting op de mutaties en het doel van de reserves.

 

3. Kerngegevens

Het verloop van het aantal woningen en inwoners heeft zich het jaar 2018 als volgt ontwikkeld:

Onderwerp

 

Aantal 1-1-2018

Mutaties 2018

 

Aantal 31-12-2018

Woningen

 

12.143

  99

12.242

Inwoners

 

30.684

288

30.972

           

 

4. Resultaatsbestemming

In de eerder gepresenteerde tabel van de totale baten en lasten per programma, tabel 1,
wordt onderscheid gemaakt tussen het resultaat vóór- en na bestemming. Op deze manier wordt inzichtelijk gemaakt hoeveel aan reserves wordt onttrokken of toegevoegd, zonder dat het budgetrecht wordt aangetast.
In de onderstaande tabel wordt het verloop door de diverse raadsbesluiten van het begrote resultaat weergegeven.

In de volgende tabel wordt het verloop tussen het resultaat vóór- en na bestemming weergegeven.

Een toelichting op de mutaties in de reserves is te vinden bij de balans en toelichting, onderdeel B, onder Vaste Passiva, waar een uitsplitsing staat van het eigen- en vreemd vermogen.

Eventuele afwijkingen tussen de begroting en rekening zijn opgenomen in deel I, onderdeel toelichting op afwijkingen in lasten en baten per programma.

 

B. Balans en toelichting

Algemeen

 De balans wordt opgesteld in overeenstemming met het Besluit begroting en verantwoording (BBV).
De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben conform het baten- en lastenstelsel.

Winst nemen op meerjarige grondexploitaties wordt beheerst door het voorzichtigheidsbeginsel. Voorziene verliezen worden al in de jaarrekening opgenomen zodra zij bekend zijn. Positieve resultaten, ofwel winsten, worden pas in de jaarrekening verwerkt als zij met voldoende zekerheid vaststaan.

Voor winstneming geldt de percentage of completion (POC) methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd moet tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Indien aan de volgende voorwaarden is voldaan, bestaat er voldoende zekerheid om winst te kunnen nemen:

1. het resultaat op de grondexploitatie kan betrouwbaar worden ingeschat; én

2. de grond (of het deelperceel) moet zijn verkocht; én

3. de kosten zijn gerealiseerd (winst wordt naar rato van de realisatie gerealiseerd).

Volgens het realisatiebeginsel moet in die gevallen de winst worden genomen.

Tussentijdse winstneming geldt vooral bij grote projecten die diverse jaren duren. Voorwaarde is dat het project is onderverdeeld in duidelijk herkenbare delen en dat jaarlijks per deel een geformaliseerde herziene kostprijscalculatie wordt gemaakt in relatie tot de werkelijke ontwikkelingen en cijfers. Tussentijdse winstneming is dan mogelijk als een deelproject is afgesloten, de winst op dat deelproject is gerealiseerd en geen verlies wordt verwacht op andere deelprojecten tenzij daarvoor voldoende verliesvoorzieningen zijn getroffen. Hieronder zijn regels opgenomen over hoe wordt omgegaan met (tussentijdse) winstneming uit de diverse grondcomplexen.

1. Tussentijdse winstneming kan alleen plaatsvinden indien:

a. er geen belangrijke onzekerheid over de totale omvang van het project is;

b. er geen belangrijke onzekerheden bestaan over de ontvangst van de overeengekomen bedragen;

c. de nog te maken kosten en de mate van de projectvoortgang op verantwoorde wijze kunnen worden bepaald;

d. de vergelijking van werkelijke kosten met de voorcalculatie per fase van het project mogelijk is;

e. er minimaal één keer per jaar van het grondcomplex een herziene kostprijsopzet wordt vastgesteld.

2. Wanneer er wordt voldaan aan de voorwaarden voor tussentijdse winstneming wordt de zogenaamde percentagemethode toegepast.

3. In alle andere gevallen kan de winst pas worden verantwoord in het boekjaar waarin het grondcomplex financieel wordt afgewikkeld.

 

Bij winstneming gelden in algemene zin de volgende uitgangspunten: de winst wordt naar rato van gerealiseerde kosten (en opbrengsten) genomen. Dus indien 50% van de kosten is gerealiseerd en 50% van de grond is verkocht, dan is de winstrealisatie 50% x 50% = 25%. Zowel de realisatie van de kosten als de realisatie van de opbrengsten zijn bepalend in de bepaling van de omvang van de winstrealisatie.

Voor de grex Volgerlanden geldt een bijzondere situatie omdat deze grex samen met Zwijndrecht wordt uitgevoerd in gezamenlijk winst en risico. Daarom wordt bij de Volgerlanden in zo'n situatie een extra risico afweging gemaakt in relatie tot de omvang van het project.

 

Waarderingsgrondslagen balans

Immateriële vaste activa

Volgens de nieuwe BBV regels horen bijdragen aan activa in eigendom van derden met ingang van het
rekening jaar 2016 verantwoord te worden onder de immateriële vaste activa.
Deze activa zijn gewaardeerd tegen de historische aanschaf­waarde minus de daarop in mindering gebrachte afschrij­vingen.
Op deze activa wordt annuïtair afgeschreven, zie verder de uitleg bij materiële activa.

 

Materiële activa
Ook deze activa zijn gewaardeerd tegen de historische aanschaf­waarde minus de daarop in mindering gebrachte afschrij­vingen. Om de kapitaallasten jaarlijks gelijk te laten blijven is gekozen voor de annuïtaire afschrijvingsmethode.
De afschrijvingen zijn gebaseerd op de verwachte levensduur en worden op grond van de door de raad in 2017 vastgestelde nota waarderings-, activerings- en afschrijvingsbeleid, en de in de verordening ex artikel 212 Gemeentewet opgenomen afschrijvingstabel berekend.
In de nota waarderen en afschrijven 2017 is ook besloten om in principe investeringen van maatschappelijk nut te activeren en af te schrijven over de geschatte levensduur.
Panden worden afgeschreven tot de ook in deze nota opgenomen bepaling inzake restwaarden van panden.
De afschrijving start in het jaar dat volgt op het moment van ingebruikname. Jaarlijks wordt wel rente berekend over de boekwaarde van die investering per 1 januari.
Verwachte duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen.
Op basis van de notitie Waardering vastgoed van de commissie BBV bestaat bij vastgoed met een bedrijfseconomische functie de mogelijkheid dat een duurzame waardevermindering moet worden verantwoord. Dit wordt jaarlijks beoordeeld door vergelijking met de WOZ waarde.
Volgens de nieuwe BBV regels wordt op buiten gebruik gestelde, leegstaande gebouwen niet meer afgeschreven. Wanneer het gebouw bestemd is om te verkopen moet het overgeheveld worden naar de vlottende activa op de balans.

 

Langlopende geldleningen

De verstrekte langlopende geldleningen zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke waarde minus de ontvangen aflos­singen.

 

Aandelen in gemeenschappelijke regelingen alsmede deelnemingen

De aandelen en deelnemingen zijn gewaardeerd tegen verkrijgingswaarde.

Voorraden

De voorraden onderhanden werk zijn gewaardeerd tegen werkelijke aanschafprijs en de vervaardigingskosten, verminderd met gerealiseerde opbrengsten en, indien van toepassing, verminderd met een voorziening voor verwachte verliezen, op basis van de eindwaarde van het saldo van de grondexploitatie.

 

Voorraad leegstaande panden

Volgens de nieuwe BBV regels hoort van buiten gebruik gestelde gemeentelijke gebouwen, bestemd om te worden verkocht, de boekwaarde te worden overgebracht van de materiële vaste activa naar de voorraden, onder de vlottende activa.

Als de marktwaarde van het gebouw lager is dan de boekwaarde dient deze te worden afgewaardeerd.

Wanneer de actuele waarde van een pand hoger is dan de boekwaarde dient het bedrag vermeld te worden in de toelichting op de balans.

 

 Overige vorderingen en liqui­de midde­len

Deze zijn opgenomen tegen de nominale waarde, verminderd met eventueel gevormde voorzieningen voor mogelijke oninbaarheid.

 

Reserves en voorzieningen

De reserves en voorzieningen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Met ingang van 2003 wordt geen rente meer toegevoegd aan de reserves en voorzieningen. Dit is conform het raadsbesluit van 2 september 2002.

 

Opgenomen langlopende geldleningen

De langlopende geldleningen zijn opgenomen tegen de oorspronkelijke waarde minus de verstrekte aflossingen.

De verschuldigde rente is op stelsel van baten en lasten verantwoord.

 

Overige rekening cou­rantsaldi en overige schulden

Deze zijn opgenomen tegen de nominale waarde.

 

Toelichting op de balans

Vaste activa

 Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa betreft de door deze gemeente aan diverse instellingen verstrekte bijdragen in door hun gedane investeringen in vaste activa.

Het betreft de volgende bijdragen:

-         LOC Zwijndrecht, onderwijsvoorzieningen, raadbesluit van 7 april 2003

-         Praktijkonderwijs Zwijndrechtse Waard, raadsbesluit van 16 oktober 2012 

-         Investeringsbijdrage in zorggebouw JSP, raadsbesluit van 9 mei 2016



Materiële vaste activa
De materiële vaste activa worden onderscheiden in activa met een economisch en maatschappelijk nut. In onderstaand overzicht wordt per soort materiële vaste activa inzicht gegeven in het verloop van de desbetreffende activa.

Per categorie activa worden hieronder de belangrijkste mutaties - exclusief afschrijvingen / aflossingen - genoemd:

 

De investeringen met een maatschappelijk nut worden in onderstaande tabel gerubriceerd per product weergegeven met vermelding van de gehanteerde afschrijvingstermijnen:

Product           Afschrijvingstermijnen
               
Betonnen bruggen         50 jaar annuïteit
Wegen           35 jaar annuïteit
Wegen (m.i.v. nota waardering en afschrijving 2017)   50 jaar annuïteit
Stalen bruggen         30 jaar annuïteit
Lichtmasten, begegeningsinstallaties sportvelden   25 jaar annuïteit
Aanleg/renovatie sportvelden (excl.grondaankoop)      
parken, speelplaatsen, asfaltdeklagen, herstraten,      
houten bruggen, duikers       20 jaar annuïteit
Lichtmastarmaturen, kunstgrasveld sportpark   15 jaar annuïteit
Abri's, drainage, kunstgrastrapveldjes ihkv speelruimteplan 10 jaar annuïteit
Speelplaatsjes         5 jaar annuïteit
               
               
               
Wanneer een activum hierboven niet vemeld is, geldt      
annuïtaire afschrijving op grond van een door het college    
bepaalde geschatte levensduur.          
               
               

 

Financiële vaste activa

Toelichting op de belangrijkste mutaties:

Leningen
Deelnemingen: De historische kosten ROM-D zijn verlaagd met de opbrengsten van (grond)verkopen.
Openbare lichamen: Dit betreft de jaarlijkse aflossing van de lening aan de Veiligheidsregio ZHZ.

Overige langlopende leningen u/g.
Woningfinancieringsregeling gemeentepersoneel: De normale jaarlijkse aflossingen bedragen in 2018
€ 32.900. In 2018 is er een bedrag van € 21.600 vrijwillig extra afgelost.
Een bedrag van € 946.330 is geheel afgelost vanwege verkoop van de woning of oversluiten van de hypotheek.

 

Vlottende activa    

Voorraden   

De cijfers bij de grex’en zijn gebaseerd op de grondexploitaties 2018. Deze grondexploitaties worden jaarlijks geactualiseerd. Dat stelt ons in staat om tijdig beheersmaatregelen te nemen, mocht het geprognosticeerde eindresultaat te ver uit beeld dreigen te raken. Het voorziene verlies De Volgerlanden bedraagt 50% van de eindwaarde van het geprognosticeerde resultaat van de grondexploitatie. De grondexploitatie is gebaseerd op een inschatting van de gemeente van het meest waarschijnlijke scenario. De werkelijke ontwikkeling is onzeker en afhankelijk van de ontwikkelingen op de woningmarkt en de concrete vraag naar nieuwbouwwoningen in deze gemeente. Het is niet uitgesloten dat de financiële uitkomsten van de grondexploitatie zal afwijken van waar nu in de jaarrekening rekening mee is gehouden. Een gekwantificeerde inschatting van het risico dat de werkelijke ontwikkeling in negatieve zin af wijkt van de grondexploitatie is verwerkt in de paragraaf weerstandsvermogen van de jaarstukken.

Voorzien verlies De Volgerlanden:  Het nadelig saldo van De Volgerlanden komt lager uit dan werd verwacht en is verlaagd ten gunste van de exploitatie.

Voormalige gemeentewerf:
De boekwaarde van de voormalige gemeentewerf is € 187.450,--.
De getaxeerde waarde van het gemeentewerfterrein bedraagt € 1.725.000,--.

 

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar

Toelichting op voorzien dubieuze debiteuren:

De GBD hanteert als prognose oninbaar een percentage van de begrote belastingopbrengsten.
Voor 2018 een percentage van 0,5% van ca. € 11.000.000 dat is € 55.000 voorzien oninvorderbaar.
Over de oudere jaren tot en met 2017 is er een bedrag van € 46.600 berekend.

Voor de voorzien oninvorderbare debiteuren ALD wordt post voor post bekeken of deze voor 100% of 50% als mogelijk oninvorderbaar moet worden ingeschat. Hierin wordt meegewogen de ouderdom van de vordering en het soort vordering.
Het bedrag voor mogelijk oninvorderbaar voor 2018 is berekend op € 168.000.

 

Liquide middelen   

Het saldo van onze algemene betaalrekening bij de BNG stond per 31-12-2017 negatief.
Een negatief banksaldo moet aan de passivazijde van de balans worden verantwoord, dus
per 31.12.2017 stond dit daar verantwoord. In de loop van 2018 is het saldo weer
positief geworden en valt het onder de liquide middelen.

Overlopende activa

 *   Zie onderstaande specificatie

** Een specificatie van deze nog te ontvangen baten is te vinden in deel IV, staat 5.

 

PASSIVA

Vaste passiva

- Eigen vermogen

Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten moet van elke reserve de aard en reden worden toegelicht. Op 3 oktober 2011 heeft de gemeenteraad de beleidsnotitie reserves en voorzieningen vastgesteld. De reserves en voorzieningen zijn beoordeeld op de juiste rubricering volgens het BBV.

In navolgende specificatie van vermeerderingen en verminderingen zijn de mutaties verwerkt die betrekking hebben op de exploitatie en balansposten.
Na dit overzicht volgt per reserve een toelichting op de gemuteerde bedragen plus de reden voor de reserve.

Toelichting op de mutaties en het doel van de reserves.

 ALGEMENE RESERVES

- Algemene reserve                                        Doel:                                                        

Voldoende weerstand te hebben om onverwachte tegenvallers of calamiteiten op te kunnen vangen.

Mutaties:

Het positieve resultaat van de jaarrekening 2017 bedroeg € 6.564.534.
Van het na de resultaatsbestemming 2017 resterend saldo is in 2018 € 1.792.160 aan de Algemene reserve toegevoegd, en een bedrag van € 474.750 is weer onttrokken ter afdekking van de kosten die via de resultaatsbestemming 2017 meegenomen konden worden naar de exploitatie 2018.
Naar aanleiding van de winternota 2018 zijn de volgende mutaties geweest:
Een onttrekking van € 1.100.000 ter afdekking van de nieuw te vormen voorziening onderhoud begraafplaats.
Het geprognostiseerde resultaat na de mutaties vanuit de winternota, een bedrag van € 727.570 is toegevoegd.


- Reserve Grondbedrijf Algemeen                  Doel:

Ter afdekking van risico’s en verliezen binnen het    grondbedrijf.
Aanwending opgenomen in de op 7-11-2005 vastgestelde  nota grondbeleid.

Mutaties:

Naar aanleiding van de resultaatsbestemming 2017 is een bedrag van € 2.199.240 gestort in de Algemene reserve Grondbedrijf.
De afrekening van het Perenlaantje is € 61.300 hoger uitgevallen de berekend. In de winternota 2018 is besloten ook dat bedrag te dekken uit deze reserve.

 

 - Algemene reserve Projecten                                       Doel:

Afdekken extra kosten bij uitvoering van gemeentelijk projecten.
In de kadernota 2017 is besloten de egalisatie reserve bestedingsbeperkingen om te vormen tot de Algemene reserve Projecten.

Mutaties: geen.

  

BESTEMMINGSRESERVES

 

-    Nalatenschap mw. Spoor- van Tichelt

Doel:

Was: Afdekking ingebracht kapitaal in beleggingsfondsen.
In de raad van 1-12-2016 is besloten deze reserve, samen met de reserve rendement Spoorfonds, tot en met 2027 te bestemmen voor incidentele subsidies i.h.k.v. de subsidieverordening Familie Spoor- fonds.

Deze reserve was ooit gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingswaarde. Alleen bij aankoop of verkoop van de beleggingen werd deze reserve gemuteerd.
De beleggingsportefeuille is in 2013 verkocht.
In de loop van 2016 is besloten de reserve in stand te houden en in te zetten voor doeleinden met een sociaal-maatschappelijk belang.

Mutaties:

Een bedrag van € 5.200 is ten gunste van de exploitatie gebracht ter afdekking van de kosten van de AED installatie en een bedrag van € 7.100 ter dekking de incidentele subsidies Spoorfonds 2018.

 

 -    Rendement nalatenschap mw. Spoor- van Tichelt

 Doel:

Bij raadsbesluit van 2 mei 1967 is het statuut dat de bestemming en beheer van de nalatenschap regelt, vastgesteld. Dit statuut is het laatst gewijzigd bij raadsbesluit van 21 december 1992. Dit betreft de dekking van de uitgaven op het gebied van openbare orde en veiligheid, cultuur en recreatie, maatschappelijke dienstverlening en Volksgezondheid.

Mutaties:

Geen, deze reserve is opgeheven in 2017 en het saldo overgebracht naar de reserve nalatenschap Spoor- van Tichelt.

 

-    Reserve 3 decentralisaties

Doel:

Het dekken van eventuele tegenvallers die zich voor- doen bij de buraps en de jaarrekeningen van de SO Jeugd ZHZ en de SDD die ontstaan zijn door de nieuwe taken rondom Participatiewet, WMO en Jeugdhulp. Na 3 jaar zal deze reserve vrijvallen ten gunste van de Algemene reserve.


Mutaties: Geen.

In de Winternota 2017 is besloten de reserve 3 decentralisaties te handhaven maar de reserve te herbenoemen tot reserve sociaal domein. De looptijd wordt gekoppeld aan de integratie uitkering van het Rijk.

-  Reserve sociaal domein                              Doel:

Alle mee- en tegenvallers te storten of te  onttrekken die ontstaan na de verwerking van de primaire begrotingen. (Met uitzondering van de grote bedragen) Her maximumsaldo van de reserve is gesteld op € 1.500.000.. 

Mutaties:

Naar aanleiding van de resultaatsbestemming jaarrekening 2017 is een bedrag van € 378.000 gestort in de reserve sociaal domein.
Bij de Winternota 2018 is een bedrag van € 479.000 onttrokken ter afdekking van het saldo dat ontstond na de verwerken van de 1e burap SOJ en SDD en een bedrag van € 301.000 is toegevoegd vanwege extra gelden WMO, (arbeids)parcitipatie en beschermd wonen.
Een bedrag van € 17.400 is onttrokken ter dekking van de kosten voor doorontwikkeling sociaal wijkteam in de jaren 2017 en 2018. (raad 1 juni 2017, RVS 8.2)



  -    Reserve boekwaarde zwembad                     Doel

Inzetten van het saldo van deze reserve ter afdekking van de af te waarderen boekwaarde vanwege de nieuwbouw binnenbad zwembad De Louwert.

Mutaties: Geen.

 

 

-    Frictiekosten regionale samenwerking

Doel:

Ter afdekking van eventuele nabetalingen i.h.k.v. de bedrijfsvoering. 

  Mutaties: Geen

 

 

 -   Reserve demografische groei                           Doel:        

Opvangen van de lokale demografische groei als gevolg van internationale ontwikkelingen.

 Mutaties: Geen



-    Beheerskosten startersleningen

Doel:

Het betalen van de kosten die voortvloeien uit de uitvoering van de regeling voor startersleningen door Stimuleringsfonds VhV Nederland.  

 Mutaties: geen

 

 

 

-    Bestemmingsreserve Waalhof

Doel:

Het betalen van de kosten die voortvloeien uit het herstel en opknappen van de oude begraafplaats Waalhof.  

 Mutaties:

Via resultaatsbestemming 2017 is een bedrag in deze, in 2018 nieuw gevormde, reserve Waalhof gestort van € 67.000..

    

-    Onderhoudsreserve openbare gebouwen MOP

Doel:

Het saldo tussen begrote kosten en werkelijke kosten van de openbare gebouwen, voor de jaren 2018 tot en met 2021 beschikbaar te houden voor latere jaren.  

Mutaties:

Het saldo tussen begrote kosten en werkelijke kosten voor het onderhoud van diverse gemeentelijke gebouwen was in 2018 per saldo € 5.820 positief. Dat bedrag is aan deze reserve toegevoegd.

 

-    Reserve bovenwijkse voorzieningen

Doel:

Treffen van voorzieningen waarvan het nut boven de individuele planontwikkeling uitstijgt.

Mutaties: geen.

 

 

  -    Reserve Kapitaallasten investeringen
       maatschappelijk nut: Antoniuslaan                Doel:

Dekking van de afschrijvingen die voortvloeien uit de verplichte activering van investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut.   

Mutaties:

Naar aanleiding van de resultaatsbestemming 2017 is een bedrag van € 2.127.880 aan deze reserve toegevoegd.
In de raad van 9 juli 2018 is besloten vanuit deze reserve een bijdrage te doen aan de nieuw te vormen reserve kapitaallasten investeringen MN - Noordeinde-N915. Een bedrag van € 182.000 is daarvoor onttrokken.

In de raad van 3 december 2018, RVS 9.4, is besloten een investeringsbudget beschikbaar te stellen voor de uitvoering van het projectonderdeel Grotenoord - Veerweg.
Besloten is ook dat t.l.v. dat investeringsbudget een storting in deze reserve moest worden gedaan.

Het in het voorstel genoemde bedrag van € 1.275.000 is toegevoegd.

 

Een bedrag van € 35.880 is onttrokken ter afdekking van de afschrijvingslasten die in 2018 ten laste van de exploitatie zijn verwerkt.

 

 

  -    Reserve Kapitaallasten investeringen
       maatschappelijk nut: Noordeinde-N915        Doel: 

Dekking van de afschrijvingen die voortvloeien uit de verplichte activering van investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut.

Mutaties:

In de raad van 9 juli 2018 is besloten om deze reserve in te stellen.
Vanuit de exploitatie, groot onderhoud wegen, is een bedrag van € 733.000 in de reserve gestort. 
 Vanuit de reserve wegbeheer is een bedrag van € 520.000 en vanuit de hierboven genoemde reserve dekking kapitaallasten MN Antoniuslaan is € 182.000 toegevoegd.


-    Egalisatiereserve Begraafplaatsen

Doel:

De kosten voor het onderhoud van begraafplaatsen te kunnen betalen.  

Mutaties:

Er is in 2018 ook weer € 10.000 toegevoegd voor afdekking van de te maken kosten in verband met het ruimingsplan, zoals opgegeven in het exploitatieplan van 2014.
Het exploitatiesaldo begraafplaatsen 2018 is onttrokken aan de reserve, een bedrag van
€ 48.050.

 

-    Egalisatiereserve Wegbeheer

Doel:

Gelijkmatige spreiding van kosten in de tijd.  

In de uitvoering van de projecten ontstaan fluctuaties in de uitgaven. Met deze reserve worden de kosten in de begroting geëgaliseerd.
Het saldo tussen begroot en werkelijk van de exploitatiepost groot onderhoud wegen wordt jaarlijks toegevoegd of onttrokken aan de reserve.

Mutaties:

Het saldo op de post groot onderhoud wegen in 2018 bedraagt € 35.400 negatief. Dit bedrag is onttrokken aan de reserve ten gunste van de exploitatie.
De vaste dekking van de extra onderhoudskosten van € 141.270 zoals geraamd in het wegenplan 2013-2024, is ook onttrokken aan de reserve.
in de raad van 9 juli 2018 is besloten ten laste van deze reserve een storting te doen in de reserve kapitaallasten investeringen MN – Noordeinde-N915. Een bedrag van € 520.000 is onttrokken aan de reserve wegbeheer.

 

-    Egalisatiereserve Openbare verlichting

Doel:

Gelijkmatige spreiding van kosten in de tijd.  

In de uitvoering van de projecten ontstaan fluctuaties in de uitgaven. Met deze reserve worden de kosten in de begroting geëgaliseerd.
Het saldo tussen raming en werkelijkheid op de post onderhoud openbare verlichting wordt jaarlijks toegevoegd of onttrokken aan de reserve.

Mutaties:

Het exploitatiesaldo op de posten onderhoud openbare verlichting bedroeg € 198.580. Dit is ten gunste van de reserve gebracht.

 

               

-    Egalisatiereserve Renteschommelingen

Doel:

Opvangen van schommelingen in de rentekosten als gevolg van het verschil tussen marktrente en de begrote rente.  

 

                     

Mutaties:

In de winternota 2018 is besloten deze reserve geheel in te zetten voor de kosten van agio dat verschuldigd was i.v.m. de vervroegde aflossing van 2 langlopende geldleningen. Het saldo van € 3.377.354 is vrijgevallen ten gunste van de exploitatie en de reserve is nu opgeheven.  
  

  - Vreemd vermogen lang

 

Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten moet van elke voorziening de aard en reden te worden toegelicht. In de gemeenteraadsvergadering van 3 oktober 2011 is de beleidsnotitie reserves en voorzieningen vastgesteld. In die notitie is onder meer het algemene financieel beleidskader opgenomen waaraan een voorziening voortaan moet voldoen.

In onderstaand overzicht van vermeerderingen en verminderingen zijn de mutaties verwerkt die betrekking hebben op de exploitatie en balansposten.
Na dit overzicht volgt per voorziening een toelichting op de gemuteerde bedragen plus de reden van de voorziening.

 

Toelichting op de mutaties en reden voor de voorzieningen.

DOELVOORZIENINGEN

 

-    Voorziening voormalig personeel 

Doel: Nabetaling aan voormalig personeel en pensioenvoorziening wethouders.  

 

 

Mutaties:

Een bedrag van € 12.000 is onttrokken ten gunste van de exploitatie vanwege de dekking van de gemaakte kosten ten behoeve van voormalig personeel.

De accountant heeft bij de controle van de jaarrekening geconstateerd dat deze voorziening niet meer toereikend was voor het doel waarvoor de reserve ooit ingesteld is.
Er is een herberekening uitgevoerd en naar aanleiding daarvan is bij winternota 2018 besloten om een aanvulling te doen van € 107.360 om de voorziening weer toereikend te maken.

  -  Voorziening riolering

Doel: De voorziening dient, zoals in het GRP is opgenomen, ter egalisatie van de rioleringskosten en - opbrengsten. Bedragen die niet worden uitgegeven worden toegevoegd aan deze voorziening. Uitgangspunt is dat op deze manier de rioolinkomsten ten goede komen aan deze taak.

  Mutaties:

  In de raad van 3 december 2018, RVS 9.7, is besloten een extra toevoeging aan de voorziening riolering te doen van € 100.000.

  Het exploitatiesaldo op taakveld riolering bedroeg in 2018 € 278.300 en is ook toegevoegd aan de voorziening.

 

     -  Voorziening onderhoud begraafplaats

Doel: De voorziening dient ter afdekking van de
onderhoudskosten vanuit de vooruitbetalingen
in de onderhoudskosten begraafplaats.

Mutaties:

Bij winternota 2018 is besloten een voorziening onderhoud begraafplaats in te stellen. Hier zouden de jaarlijks vooruit ontvangen gelden inzake onderhoud in worden gestort om deze dan later weer gedeeltelijk naar de exploitatie te laten vrijvallen ter afdekking van dat onderhoud.
De eerste toevoeging, het berekende saldo-bedrag van vooruit ontvangen gelden uit het verleden, is geheel gedekt uit de algemene reserve, een bedrag van € 1.100.000.
 
Intussen zijn de BBV regels die hierop van toepassing waren weer aangepast en is het niet meer nodig om deze voorziening in te stellen.
Bij jaarrekening 2018 is deze voorziening daarom weer opgeheven en het al in deze voorziening gestorte bedrag van € 1.100.000 is weer terug gevloeid naar de exploitatie.
  

Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer

Bij de vaste schulden hebben zich de volgende mutaties voorgedaan

De rentelasten in 2018 met betrekking tot de langlopende schulden bedragen in totaal € 2,38 miljoen.
Onder de vaste schulden per 31 december 2018 is een bedrag van € 10,0 mln. opgenomen voor een lening die op dat moment een resterende looptijd heeft van korter dan één jaar.

                    

Vlottende passiva

Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

 De kortlopende schulden kunnen als volgt worden gespecificeerd:

Het saldo van onze algemene betaalrekening bij de BNG was per 31 december 2017 negatief.
Volgens de BBV regels hoort dat dan aan de passivazijde van de balans te worden verantwoord onder kortlopende schulden. In de loop van 2018 is dit saldo weer positief geworden en staat dit weer aan de activazijde van de balans onder liquide middelen.

Overlopende passiva

* Zie onderstaande specificatie

** De specificatie van de nog te betalen bedragen is te vinden in deel IV, staat 6.

 

Gewaarborgde geldleningen

De totale restantschuld per 31 december 2018 van de gegarandeerde geldleningen bedraagt € 107,9 miljoen en kan als volgt worden gespecificeerd:

Voor toelichting zie deel II van deze jaarrekening, onderdeel 2 financiering, onder risicobeheer.

 

NIET UIT DE BALANS BLIJKENDE  RECHTEN EN VERPLICHTINGEN

Verplichtingen

Leerlingenvervoer

Leerlingenvervoer wordt per schooljaar uitgevoerd. Het contract voor het vervoer over de schooljaren tot en met 2018/2019 is in regionaal verband openbaar aanbesteed.
Van de kosten voor het schooljaar 2018/2019 is het deel dat betrekking heeft op het boekjaar 2018, circa € 165.000,-- verantwoord in de jaarstukken 2018.
Het bedrag van het schooljaar dat betrekking heeft op 2019, circa € 261.000,-- is niet verantwoord in de jaarstukken 2018, in de loop van 2019 komen hier pas de facturen voor.

Verlofrechten 2018

Een aantal medewerkers in dienst van onze gemeente heeft in 2018 verlofrecht opgebouwd maar het verlof niet helemaal opgenomen. In totaal gaat er 5.400 uur over naar 2018, ongeveer 745 dagen.

Risico tekort APPA-plan 

Wethouders vallen onder de Algemene Pensioenwet Politieke Ambtsdragers (APPA). Deze wet regelt de pensioenvoorziening voor politieke ambtsdragers en hun nabestaanden.

Hendrik-Ido-Ambacht heeft de uitvoering van de regeling ondergebracht in het APPA-plan van Loyalis verzekeringen.
Er is in 2018 een nadelig verschil van € 202.600,- tussen het opgebouwde beleggingstegoed en het benodigde beleggingstegoed. In 2017 was het berekende tekort € 147.500,-
Het tekort is ontstaan door het (opnieuw) verlagen van de rekenrente. Als de gemeente het verschil niet aanvult, treedt het risico op bij pensionering.

De Volgerlanden

Ten aanzien van de grondopbrengsten van de grondexploitatie De Volgerlanden is er sprake van een aantal rechten en verplichtingen die in onderstaande tabellen zijn weergegeven.
Hierbij is onderscheid gemaakt tussen rechten die onafhankelijk of indirect afhankelijk zijn van voorverkoop en rechten die direct afhankelijk zijn van voorverkoop van woningen.

 

 

WNT verantwoording 2018 gemeente Hendrik-Ido-Ambacht

 

EMU-saldo

Als gevolg van Europese regelgeving mogen EU-lidstaten een (begrotings)tekort (EMI-saldo) hebben van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (BBP).
Van dit maximale tekort van 3% van Nederland is 2,5% voor de rijksoverheid en 0,5% voor de decentrale overheden. De EMU-systematiek werkt evenwel op een andere manier dan het baten-lastenstelsel dat decentrale overheden hanteren. Investeringen en uitgaven die worden gedekt uit reserves tellen bijvoorbeeld niet mee in de uitkomsten van het baten-lastenstelsel, maar tellen wel door in het EMU saldo.
Bij een sluitende begroting of een voordelig resultaat bij de jaarrekening kan een gemeente daardoor toch een negatief EMU-saldo hebben.

Het EMU saldo kan op twee manieren worden berekend, via de reële transacties in de exploitatie
en de balans, en via de mutaties in de financiële activa en de financiële passiva op de balans.

In navolgende overzichten wordt deze informatie voor wat betreft Hendrik-Ido-Ambacht gepresenteerd.

1. Berekening via de reële methode

2. Berekening volgens de balansmethode

 

 

 

C. Verantwoording Sisa