Meer
Publicatiedatum: 18-09-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Financiële begroting

1. Inleiding

De financiële begroting bevat een nadere toelichting op de financiële positie van de gemeente. De toelichting begint met een uiteenzetting over de ontwikkeling van de financiële positie na vaststelling van de meerjarenbegroting 2019 en verder. Vervolgens komen een aantal specifieke financiële aspecten aan de orde, zoals het totaal van baten en lasten per programma, de incidentele baten en lasten, een samenvatting van nieuwe en/of geïntensiveerde exploitatiekosten, investeringen en de reservepositie.

NB In alle financiële tabellen zijn de bedragen afgerond op duizendtallen. Hierdoor kunnen in enkele eindtellingen afrondingsverschillen ontstaan. Dit heeft geen invloed op de daadwerkelijke cijfers.

2. Ontwikkeling financiële positie

Van Meerjarenbegroting 2018 naar Meerjarenbegroting 2019

Het financiële overzicht ziet er als volgt uit:

 

Tabel 1

Financiering: De kosten voor het aantrekken van leningen zijn een afgeleide van hetgeen in de begroting plaatsvindt. Veranderingen in de grondexploitaties en investeringen vinden hun weerslag in de financieringsbehoefte. De rente is momenteel heel erg laag, zodat de prognose voor rentekosten op nog aan te trekken geldleningen naar beneden is aangepast.

Lokale heffingen: de extra inkomsten aan belastingen door onder andere areaaluitbreiding.

Openbare verlichting: Het nieuwe beleidsplan openbare verlichting leidt tot een voordeel.

Grondstoffenbeleidsplan: De financiële vertaling van het grondstoffenbeleidsplan.

GRD taakstelling: betreft de taakstelling zoals in de Drechtraad van 2 juli is vastgesteld.

SOJ: De 1e burap van 2019 geeft een nadeel van 10,2 miljoen. In de omdenknotitie van het AB van 4 juli is besloten de uitgaven terug te brengen tot 100 miljoen in 2023. De 1e burap van 2019 geeft een nadeel van 10,2 miljoen. Het is niet duidelijk in hoeverre dit doorwerkt in 2020, vooralsnog hebben we daartoe een stelpost opgenomen.

Stelpost GRD op nivo 2020: Er wordt voorlopig vanuit gegaan dat de taakstelling gaat over 2020.

Toekomstige onvoorziene ontwikkelingen: Vanwege de vele onzekerheden hebben we (wederom) voor onvoorziene ontwikkelingen een stelpost opgenomen.

Begraafplaats: Er is in 2023 niet meer voldoende geld in de reserve begraafplaats om het tekort op de exploitatie af te dekken. Conform de BBV is een negatieve reserve niet toegestaan. Bij ongewijzigd beleid komt het tekort daardoor vanaf 2023 ten laste van de algemene middelen.

Diversen: Diverse kleine aanpassingen. In 2020 hebben we een voordeel in verband met een incidentele onderuitputting van de kapitaallasten.

 

Uitgangspunten

 

Tabel 2

 

2020

2021

2022

2023

Woningprognose

12.325

12.479

12.626

12.801

Inwonerprognose

31.181

31.571

31.943

32.385

Prijsstijging

1,6%

0%

0%

0%

Subsidies

2,6%

0%

0%

0%

Loonstijging

3,3%

1,25%

0%

0%

Omslagrente

1,2%

1,2%

1,2%

1,2%

Kapitaallasten

Annuïtair

Annuïtair

Annuïtair

Annuïtair

Algemene uitkering

(meicirculaire)

Lopende 

prijzen

Constante 

prijzen

Constante 

prijzen

Constante 

prijzen

 

Van realisatie 2018 naar begroting 2019 naar begroting 2020

In navolgend overzicht worden aanmerkelijke verschillen tussen de begroting 2020 en de begroting 2019 en realisatie 2018 toegelicht.
Een aanmerkelijk verschil is een verschil groter dan € 50.000 op taakveldniveau.

 

Tabel 3

 

 

Toelichting:

Verschil begroting 2020 t.o.v. begroting 2019:

 

Onderwijshuisvesting: Het verschil wordt veroorzaakt door hogere kapitaallasten in 2020, voornamelijk doordat er met ingang van 2020 wordt afgeschreven op nieuwbouw De Dukdalf.

Onderwijsbeleid en leerlingenzaken: In 2019 zijn zowel de baten als de lasten € 158.000 hoger begroot als gevolg van een (hogere) ontvangen specifieke uitkering voor onderwijsachterstandenbeleid.

 

Sportaccommodaties: In 2019 staat de afboeking van de boekwaarde van het huidige binnenzwembad begroot ten laste van de reserve boekwaarde zwembad (€ 841.901) en staat een bedrag van € 50.000 begroot voor de betaling aan Optisport ter beëindiging van een geschil. Als gevolg van een nieuwe huurovereenkomst voor zwembad De Louwert zijn de huurinkomsten in 2020 € 74.000 hoger.

 

Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie: In 2019 staan extra kosten (€ 62.000) begroot voor de renovatie van de kleedkamers van de Ridderhal.

(openlucht-)recreatie: Doordat de boekwaarde van het jeugdspeelpark in een keer is afgeboekt, zijn er vanaf 2020 minder kapitaallasten.

 

Samenkracht en burgerparticipatie: In 2019 is er een bedrag van  € 65.000 geraamd voor externe capaciteit voor het preventieplan sociaal domein. Daarnaast zijn er in 2019 meer salarislasten begroot. Bij resultaatsbestemming 2018 is er incidenteel € 18.000 beschikbaar gesteld voor 2019 voor passende activiteiten om de integratie van statushouders te stimuleren, een bedrag van

€ 30.000 voor de implementatiekosten van een digitale sociale kaart en een digitaal vrijwilligersplatform en een bedrag van € 20.000 voor een aandachtfunctionaris dementie.

 

Wijkteams: In 2019 is € 152.500 begroot voor het incidenteel versterken van het Sociaal Wijkteam. Het budget voor de lokale impuls is in 2020 € 34.000 hoger begroot dan in 2019.

Inkomensregelingen: De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting van de SDD. In 2020 zijn de uitgaven voor inkomensondersteuning hoger dan in 2019. Daar tegenover staan hogere inkomsten vanuit het Rijk.

 

Maatwerkvoorzieningen (WMO): De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting van de SDD. De opgelegde taakstelling van de GRD (SDD) is hier opgenomen.

Maatwerkdienstverlening 18+: De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting van de SDD. Zowel voor WMO hulpmiddelen als Begeleiding en Kortdurend verblijf is er meer begroot.

 

Maatwerkdienstverlening 18-: De 1e burap 2019 van de Serviceorganisatie Jeugd is nog niet geraamd omdat de burap nog niet is vastgesteld door het AB. Omdat we nog niet weten in hoeverre dit doorwerkt in 2020, hebben we hier vooralsnog een stelpost van € 380.000 voor geraamd.

De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting van de Serviceorganisatie Jeugd.

 

Geëscaleerde zorg 18-: Het verschil wordt veroorzaakt door toevoeging van de prijsindex bij de begroting van de Serviceorganisatie Jeugd. Daarnaast hebben we in 2019 een incidentele compensatieregeling voogdij.

 

Volksgezondheid: De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting van de Dienst Gezondheid en Jeugd.

 

Verschil begroting 2020 t.o.v. realisatie 2018:

 

Onderwijshuisvesting: In 2018 zijn kosten gemaakt als gevolg van herstelwerkzaamheden voor vandalisme (€ 24.000) en ontvangen belastingaanslagen uit voorgaande jaren (€ 24.000), en zijn de personeelslasten € 149.000 hoger doordat er meer uren zijn geschreven op dit taakveld dan vooraf waren begroot. Dit betreft een verschuiving met taakveld onderwijsbeleid en leerlingenzaken. De kapitaallasten waren in 2018 € 136.000 lager, voornamelijk doordat er nog niet werd afgeschreven op nieuwbouw De Dukdalf.

 

Onderwijsbeleid en leerlingenzaken: In 2018 zijn de personeelslasten € 170.000 lager doordat er minder uren zijn geschreven op dit taakveld dan vooraf waren begroot. Dit betreft een verschuiving met taakveld onderwijshuisvesting. In 2020 is voor Bredeschool € 68.000 meer begroot omdat er meer co-financiering van derden wordt ontvangen en is het begrote bedrag voor leerlingenvervoer € 35.000 hoger, onder andere door een toename van het aantal aanvragen en een verhoging van het lage btw-tarief (is kostenverhogend).

 

Sportaccommodaties: De kapitaallasten in 2020 zijn hoger, voornamelijk door nieuwbouw binnenbad zwembad De Louwert en de vervanging van het kunstgrasveld voor de korfbal. Als gevolg van een nieuwe huurovereenkomst voor zwembad De Louwert zijn de begrote huurinkomsten in 2020 € 76.000 hoger.

 

Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie: In 2018 zijn de toegerekende kosten voor salarislasten lager dan in 2020 is begroot.

Samenkracht en burgerparticipatie: In 2018 zijn er minder salarislasten geboekt dan in 2020 begroot.

 

Wijkteams: In 2020 is de begrote bijdrage SOJ (jeugdteams) hoger dan de werkelijke kosten 2018. Verder is in 2020 € 162.000 begroot voor de lokale impuls en is € 20.000 structureel toegevoegd aan het mantelzorgbudget voor de bekostiging van een mantelzorgmakelaar en huishoudelijke ondersteuning of respijtzorg in huis.

 

Inkomensregelingen: De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting/ afrekening van de SDD.

 

Arbeidsparticipatie: De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting/ afrekening van de SDD.

 

Maatwerkvoorzieningen (WMO): De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting/ afrekening van de SDD. De opgelegde taakstelling van de GRD (SDD) is hier opgenomen.

 

Maatwerkdienstverlening 18+: De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting van de SDD. Zowel voor WMO hulpmiddelen als Begeleiding en Kortdurend verblijf is er meer begroot.

 

Maatwerkdienstverlening 18-: In 2020 zijn met name de begrote kosten voor de individuele voorzieningen Jeugdzorg en het persoonsgebonden budget Jeugdzorg van de Serviceorganisatie Jeugd hoger dan de werkelijke kosten. In 2020 hebben we een stelpost opgenomen voor de eventuele doorwerking van de 1e burap 2019 van de Serviceorganisatie Jeugd.

 

Geëscaleerde zorg 18+: In 2018 is er een afrekening ontvangen voor uitvoering beschermd wonen en opvang voor totaal € 633.000 (Dordrecht is centrumgemeente). Voor 2019 is de verwachte afrekening voorzichtig geraamd op € 450.000.

 

Geëscaleerde zorg 18-: Het verschil wordt veroorzaakt door de hogere begrote kosten voor veilig thuis Jeugd. In 2018 werd dit nog op meerdere taakvelden geboekt. Financieel zat dit toen nog deels bij de Serviceorganisatie Jeugd als de Dienst Gezondheid en Jeugd. Vanaf 2019 wordt dit volledig door de Dienst Gezondheid en Jeugd verantwoord.

 

Volksgezondheid: : De verschillen worden veroorzaakt door verschillen in de begroting/ afrekening van de Dienst Gezondheid en Jeugd.

 

 

2. Ruimtelijke ordening, economie en wonen

Verschil begroting 2020 t.o.v. begroting 2019:

 

Beheer overige gebouwen en gronden: In 2019 staat de financiële afwikkeling begroot (€ 1.115.000) als gevolg van de ontbinding van de projectorganisatie Noordoevers en is een werkkrediet beschikbaar gesteld van € 200.000 ten behoeve van planvorming woningbouw Noordoevers.

 

Economische ontwikkeling: In 2019 is € 19.000 begroot (betreft het restantbudget uit 2018 dat via resultaatsbestemming is meegenomen naar 2019) voor het opstellen van een nieuwe detailhandelsstructuurvisie, € 60.000 begroot voor de oprichting van een ondernemersfonds en € 64.000 begroot als bijdrage aan het subsidiebudget van het MKB-katalysatorfonds Drechtsteden.

 

Fysieke bedrijfsinfrastructuur: De bedragen bestaan uit de geraamde kosten en opbrengsten van de grondexploitatie Ambachtsezoom. Deze lasten en baten verschillen doordat het project in ontwikkeling is. De verschillen lopen binnen het programma budgettair neutraal.

 

Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen): De bedragen bestaan uit de geraamde kosten en opbrengsten van de grondexploitatie De Volgerlanden. Deze lasten en baten verschillen doordat het project in ontwikkeling is. De verschillen lopen binnen het programma budgettair neutraal.

 

Wonen en bouwen: In 2020 zijn de inkomsten op leges bouwvergunningen € 124.000 hoger begroot dan in 2019 als gevolg van de omvangrijke grote projecten die in 2020 worden verwacht.

 

Verschil begroting 2020 t.o.v. realisatie 2018:

 

Beheer overige gebouwen en gronden: In 2018 zien we in de realisatiecijfers nog lasten (€ 256.000) en baten (€ 273.000) voor het beheer van Noordoevers, uitgaven voor de ontwikkeling van de gebiedsvisie Centrum (€ 29.000) en zien we een voordeel van € 217.000 op de verkoop van de woning aan de Onderdijk 142. Verder zijn in 2018 de toegerekende kosten voor salarislasten € 104.000 lager dan begroot in 2020.

 

Fysieke bedrijfsinfrastructuur: De bedragen bestaan uit de geraamde kosten en opbrengsten van de grondexploitatie Ambachtsezoom. Deze lasten en baten verschillen doordat het project in ontwikkeling is. De verschillen lopen binnen het programma budgettair neutraal. Omdat het project voor de realisatie van circa 5.500 m2 nieuwe winkelruimte in het Centrumgebied niet is doorgegaan is in 2017 de (boek)waarde van de grond voor een bedrag van € 368.000 afgeboekt tot de taxatiewaarde.

 

Milieubeheer: In 2018 zijn bijdragen ontvangen in de kosten van de energiestrategie.

 

Ruimtelijke Ordening: De gemeentelijke bijdrage voor Bureau Drechtsteden is in 2018 € 25.000 lager

dan begroot in 2020. Verder zijn in 2018 minder kosten gemaakt (€ 25.000) voor ruimtelijke ontwikkelingen en zijn de personeelslasten lager (€ 20.000) omdat er minder uren zijn toegerekend.  

 

Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen):  De bedragen bestaan uit de geraamde kosten en opbrengsten van de grondexploitatie De Volgerlanden. Deze lasten en baten verschillen doordat het project in ontwikkeling is. De verschillen lopen binnen het programma budgettair neutraal. In 2018 is de afboeking van de verliesvoorziening geboekt op het taakveld ad. € 720.000

 

Wonen en bouwen: In 2018 waren de werkelijk geschreven uren op dit taakveld hoger dan begroot, waardoor de toegerekende loonkosten hoger zijn uitgevallen.

 

3. Buitenruimte

 

Verschil begroting 2020 t.o.v. begroting 2019:

 Verkeer en Wegen: Naar aanleiding van het nieuwe beleidsplan openbare verlichting wordt er in 2020 € 202.000 aan lasten afgeraamd ten opzichte van 2019. Vanaf 2020 wordt er afgeschreven op de activa aanvullende maatregelen doortrekken Antoniuslaan en Noordeinde. Dit zorgt ervoor zorgt dat er voor 2020 hogere kapitaallasten geraamd staan.

Riolering: De baten zijn in 2020 hoger begroot dan in 2019 door het toepassen van de prijsindex. Mede door de hogere baten stijgt de toevoeging aan de voorziening aan de lastenkant.

Afval: In 2019 is er een bedrag begroot van € 25.000 voor het grondstoffenbeleidsplan die in 2020 niet terugkomt. Daarnaast dalen de kapitaallasten in 2020 omdat een grote investering uit 2005 volledig afgeschreven is in 2019. De begrote inkomsten zijn verhoogd met een prijsindexatie en er zijn hogere opbrengsten geraamd vanwege areaaluitbreiding.

Begraafplaatsen en crematoria: In 2019 was er € 60.000 meer begroot om begraafplaats de Waalhof op te knappen. Daarnaast was er in 2019 € 30.000 meer aan onderhoud voor het uitvaartcentrum begroot. In 2020 is er echter bijna € 30.000 meer aan uren begroot.


Verschil begroting 2020 t.o.v. realisatie 2018

 

Verkeer en Wegen: In 2018 zijn er begrotingswijzigingen geweest waarmee in totaal het budget op het taakveld werd verlaagd met € 462.000. Dit komt voornamelijk door de toevoeging aan de reserve kapitaallasten MN - Noordeinde- N915 ten laste van het geraamde onderhoudsbudget groot onderhoud wegen. Dit is in 2020 niet aan de orde. Daarnaast waren de werkelijke kosten in 2018 op het taakveld € 36.000 lager dan begroot en dit kwam voornamelijk door lagere kosten bij beheer en onderhoud lichtobjecten.

In 2018 is er na de verkoop van de gemeentewerf een bedrag gestort in de reserve kapitaallasten ten behoeve van de Antioniuslaan ad. € 1.275.000. De inkomsten van deze storting verlopen via dit taakveld en de kosten via programma 4. Daarnaast is in 2018 een subsidie ontvangen en een bijdrage voor een inrit van de parkeergarage Hoogambacht. Dit zorgt er ook voor hogere inkomsten in 2018 ten opzichte van 2020 van € 100.000.

Openbaar groen: In 2018 zijn er extra kosten gemaakt voor het verbeteren van het straatbeeld na kap van bomen en voor het herstellen van stormschade aan bomen. Dit heeft in totaal € 200.000 gekost. In 2018 is er € 70.000 meer uitgegeven aan onderhoud groen en € 88.000 meer voor baggerwerkzaamheden dan dat er in 2020 geraamd staat. Daarnaast zijn er in 2018 € 40.000 meer aan uren geschreven ten opzichte van wat er in 2020 geraamd staat.

Riolering: De baten in 2020 zijn hoger begroot dan werkelijk in 2018 ontvangen vanwege het toepassen van een prijsindex en areaaluitbreiding. Mede door de hogere baten stijgt de toevoeging aan de voorziening aan de lastenkant.

Afval: De baten in 2020 zijn hoger begroot dan werkelijk in 2018 ontvangen vanwege het toepassen van een prijsindex en areaaluitbreiding.

Begraafplaatsen en crematoria: In 2018 waren er meer uitvaarten dan begroot.

 

 

4.Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen

 

Verschil begroting 2020 t.o.v. begroting 2019:

Bestuur: De stelpost precario is vrijgevallen en ingezet in de voorziening riolering conform het besluit GRP.De overige verschillen zijn een gevolg van de indexering van lonen en prijzen.

Overhead: Op dit taakveld worden alle kosten die niet direct aan een product toe te rekenen zijn verantwoord. De hogere bedragen zijn het gevolg van de prijsindex en de cao stijging.

OZB-woningen en niet-woningen: De inkomsten OZB laten een stijging zien als gevolg van de stijging van het aantal woningen en door aanpassing van het tarief in 2020.

Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds: De uitkomsten van de circulaires verschillen per jaar. De uitkomsten van de meicirculaire zijn hier meerjarig verwerkt.

Overige baten en lasten: In 2019 is een bijdrage aan het Historisch genootschap voor het tentoonstellen van het Spoor-antiek begroot, vandaar nu een daling in 2020. Een bijdrage aan het pensioenfonds politieke ambtsdragers zorgt in 2019 voor een hoger bedrag dan in 2020. In 2020 is er een stelpost geraamd voor de extra kosten door areaaluitbreiding bij de verbonden partijen. Vanwege de vele onzekerheden hebben we vanaf (wederom) voor onvoorziene ontwikkelingen een stelpost opgenomen.

Crisisbeheersing en Brandweer: De bijdrage aan de Veiligheidsregio is hoger in 2020 als gevolg van de nieuwe verdeelsystematiek.

 

Verschil begroting 2020 t.o.v. realisatie 2018:

Bestuur: Ten opzichte van 2018 een lager bedrag. Dat komt doordat in 2018 agio is betaald bij het vervroegd aflossen van leningen.

Overhead: Op dit taakveld worden alle kosten die niet direct aan een product toe te rekenen zijn verantwoord. De hogere bedragen zijn het gevolg van de prijsindex en de cao stijging. De bijdrage aan het Service Centrum Drechtsteden was in 2018 éénmalig lager.

Treasury: De verwachte rentelasten laten een daling zien in zowel de korte als de langlopende leningen.

OZB-woningen en niet-woningen: Aan de uitgavenkant is er in 2018 een verschuiving geweest tussen woningen en niet-woningen. Bij de inkomstenkant zien we voor 2020 een stijging van de geraamde inkomsten en daarnaast de toename van het aantal woningen tussen 2018 en 2020.

Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds: De uitkomsten van de circulaires verschillen per jaar. De uitkomsten van de meicirculaire zijn hier meerjarig verwerkt.

Overige baten en lasten: De bijdragen aan de pensioenvoorziening politieke ambtsdragers is lager dan in 2018. In 2020 is er een stelpost geraamd voor de extra kosten door areaaluitbreiding bij de verbonden partijen. Vanwege de vele onzekerheden hebben we vanaf (wederom) voor onvoorziene ontwikkelingen een stelpost opgenomen.

Crisisbeheersing en Brandweer: De nieuwe verdeelsystematiek met de Veiligheidsregio geeft een verhoging van de lasten.

Openbare orde en Veiligheid: Bij de Kadernota 2020 is geld beschikbaar gesteld voor het handhavingsplan. Dit en indexering op lonen en prijzen geeft een verhoging van het budget ten opzichte van 2018.

 

3. Financiële aspecten

Overzicht baten en lastenprogramma's

De volgende tabel toont meerjarig de totale lasten en baten uitgesplitst naar de programma's.
In tabel 4 worden de baten en lasten gepresenteerd exclusief de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves, dit leidt tot het geraamde resultaat van baten en lasten.
Ook worden de totale mutaties met de reserves getoond, en dat leidt tot het geraamde resultaat.

In de daarop volgende tabel 5 zijn de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves uitgesplitst per reserve.


Tabel 4
Baten en lasten op programma (bedragen x € 1.000)

 

Tabel 5 – Uitsplitsing mutaties op de reserves

 

Bij jaarrekening 2018 is besloten om, via resultaatsbestemming, een deel van het voordelig saldo van de jaarrekening aan diverse reserves toe te voegen.
Dit gebeurd altijd in het jaar daarna, 2019 dus in dit geval.
Deze toevoegingen mogen volgens de BBV regels niet via de exploitatie 2019 lopen,
de bedragen moeten direct aan de reserves worden toegevoegd, direct naar de balans.

Deze toevoegingen staan daarom niet in de kolom B (Begroot) 2019.
Ze zitten wel in het saldo van de betreffende reserves. Zie de tabel 10 Reserves en voorzieningen.

 

Overzicht incidentele baten en lasten
Voor de beoordeling van de meerjarige financiële positie is het belangrijk om inzicht te hebben in de incidentele baten en lasten. Dit zijn posten die niet langer dan 3 jaar in de begroting zijn opgenomen. Structurele lasten dienen gedekt te worden door structurele baten.
In navolgende tabel zijn de incidentele baten en lasten (korter dan 4 jaar) opgenomen met een ondergrens van € 50.000.

 

Tabel 6

 

Toelichting

In 2020 komt er een terugontvangst op de kosten voor beschermd wonen.

De kapitaallasten van de scholenbouw, fase 1, worden in 2021, 2022 en 2023 gedekt uit de daarvoor bij KN2020 ingestelde reserve.

 

Structurele mutaties reserves

Omdat de financiële positie van de gemeente in gevaar zou kunnen komen wanneer structurele lasten uit een reserve worden gedekt, wordt vanaf 2013 een overzicht van de structurele onttrekkingen uit reserves voorgeschreven.
Een onttrekking aan een reserve moet gezien worden als een incidentele baat, omdat een reserve op termijn uitgeput is.
Ook hier wordt een periode van 3 jaar of langer als structureel beschouwd.

 

Tabel 7

 

In de tabel worden zowel de toevoegingen als de onttrekkingen weergegeven. Om een eventueel risico van uitputting van de reserve en ongedekte structurele lasten te duiden, zijn alleen de structurele onttrekkingen van belang.

 

Toelichting

Onttrekkingen:

 

Het taakveld Begraafplaats is wat begroting betreft een neutraal taakveld, d.w.z. dat het saldo tussen de inkomsten en uitgaven of nul moet zijn, of een bepaald saldo mag zijn.
De komende 4 jaar wordt een bedrag aan de reserve onttrokken om het taakveld neutraal te maken.

 

Het beleidsplan wegen 2013-2023, vastgesteld in de raad van 13 mei 2013, gaat uit van een jaarlijkse dekking van de extra onderhoudskosten uit de egalisatiereserve wegbeheer.
De reserve is toereikend.

 

Bij resultaatsbestemming jaarrekening 2017, RVS 7.1, is de bestemmingsreserve Kapitaallasten
investeringen met maatschappelijk nut (MN) gevormd voor de afdekking van de afschrijvingslasten
van de investeringsbudgetten doortrekken Antoniuslaan.
In de raad van 9 juli 2018, RVS 9.1, is een investeringsbudget aangevraagd voor de ontsluiting
Noordeinde. Ook dit is een investering met maatschappelijk nut. In hetzelfde besluit is
een reserve investeringen MN – Ontsluiting Noordeinde gevormd ter afdekking van de afschrijvingslasten.

 

De geraamde kosten voor subsidies uit het "familie Spoorfonds" plus de kosten van beheer
en verzekering van het familie Spoor antiek, worden gedekt uit de reserve nalatenschap
mevrouw Spoor- van Tichelt.

Aan de reserve MOP, meerjarig onderhoudsplan gebouwen, is de afgelopen jaren het saldo op de onderhoudsposten van de diverse gemeentelijke gebouwen toegevoegd.

Met ingang van 2020 wordt er jaarlijks een bedrag aan de reserve onttrokken.

 

Toevoegingen:

Jaarlijks wordt een bedrag gestort in de nieuwe reserve Groot onderhoud zwembad.

 

Overig:

De reserves wegbeheer, openbare verlichting en baggeren worden jaarlijks gemuteerd met het saldo op de betreffende onderhoudsposten. In de uitvoering van de onderhoudsplannen fluctueren de uitgaven. Dit wordt opgevangen door een onttrekking of toevoeging aan de reserve. Het bedrag is op voorhand niet bekend, vandaar de opname als PM.

 

Investeringen
In navolgend overzicht staan de investeringen getotaliseerd naar economisch en maatschappelijk nut en naar programma voor de jaren 2020-2023.
In het raadsbesluit over deze meerjarenbegroting wordt verzocht de routine- en vervangingsinvesteringen voor het dienstjaar beschikbaar te stellen. Ook wordt verzocht de kredieten voor 2020 beschikbaar te stellen zoals aangegeven in het GRP 2019-2023 en het MOP
en het Beheer en onderhoudsplan oeverbescherming.

 

Tabel 8

In navolgend overzicht wordt de ontwikkeling van de financiering, de reserves en de voorzieningen weergegeven. Dit geeft een beeld van het financieringstekort c.q. -overschot.

Tabel 9

 

Reserves en voorzieningen
In navolgend overzicht wordt de omvang van de reserves en voorzieningen in meerjarig perspectief gepresenteerd.

 

Tabel 10

*

De egalisatiereserve openbare verlichting zal bij jaarrekening 2019 vrij komen te vallen ten
gunste van de Algemene Reserve.
Een bedrag van € 250.000 uit deze vrijval zal worden ingebracht in de nieuw te vormen "Bestemmingsreserve Duurzaamheid".

 

Geprognosticeerde balans

 

Tabel 11

EMU-saldo

Op grond van de Europese begrotingsregels mag het landelijk EMU-tekort (het gezamenlijk tekort van het Rijk, lokale overheden en sociale fondsen) van de landen die participeren in de Economische Monetaire Unie niet boven de 3% uitkomen. Een goede informatievoorziening voor het Rijk is essentieel voor het monitoren en beheersen van het EMU-saldo.
In navolgend overzicht wordt deze informatie voor wat betreft Hendrik-Ido-Ambacht gepresenteerd.

 

Tabel 12